Dever en Teylingen
artikel Kastelenteam 1987 / 2002

 

 

Op de zolder van de thans gerestaureerde Dever te Lisse, ligt een stenen vuistbijl uit de zogenaamde " Vlaardingen cultuur ", van ongeveer 2300 jaar voor Chr. Men zou kunnen denken dat dit een bewijs is,dat er bewoning was in de directe omgeving van Lisse. Maar tot 1162  blijft de geschiedenis van Lisse zeer duister. 
In dat jaar huwt Dirk van Kleef met Margaretha, de dochter van Graaf Floris lll. Waar precies het feest werd gegeven is echter onbekend. Het zou mogelijk zijn dat er een houten woontoren heeft gestaan, of woonden de die Evers op de voorburcht? (Dit kwam namelijk in de middeleeuwen vaker voor.) 
In het dorp Lisse stonden toen vijf boerderijen. In 1250 liet Rooms Koning Willem IV een kapel bouwen, dit werd vermeld In verband met de kruistochten naar het Heilige land.  

Dever LisseDe naam "die Ever" is zeer oud, hij komt reeds voor in 1221. Waarschijnlijk heeft dit geslacht gewoond in de buurt van de plaats waar de huidige Dever staat. Het Heraldisch wapen van de die Evers vertoont een halve Hollandse leeuw. Hleruit kan mogelijk blijken dat ze aan het Hollandse Gravenhuis verwant waren.

De naam Gerardus die Ever wordt genoemd in verband met de verloren veldslag van Graaf Floris V in 1272 tegen de West-Friezen bij Oudorp. De aanvoerder van het Hollandse leger was toen Dirk de Goede van het slot Brederode bl] Santpoort. Een zoon van deze Gerardus wordt genoemd vanwege de moord op Wolfret van Borselen. Deze Woifret had zeer veel invloed op de jonge Graaf Jan, de zoon van Graaf Floris V. 
Na de overwinning op de West-Friezen in 1282, liet Graaf Floris V de zogenaamde dwangburchten bouwen, de "Nieuwburg en de Middelburg bij Oudorp", Radboud of huis te Medemblik in Medemblik, en de Nuwendoorn bij Krabbendam. Het huis te Wijdenes aan de toenmalige Zuiderzee is nooit gelocaliseerd. Verder liet Graaf Floris het Muiderslot bouwen. Ook werd begonnen met het Binnenhof in ‘die hage.

In 1296 werd Graaf Floris V vermoord door o.a. Gerijt van Velsen. De West-Friezen verwoesten het huis te Wijdenes, daarna belegerden ze het huis te Medemblik. Dit kasteel viel echter niet, het werd ontzet in het begin van 1297 door een Hollands leger. De toenmalige slotvoogd was Hugo van Assendelft, die echter bij het krijgsgeweld sneuvelde. Na Hugo van Assendelft was de nieuwe slotvoogd "Florens Heer Wouterszoon van Egmond".

Teylingen, de ringmuur van dit toch wel Imposante kasteel werd gebouwd na de Loonse oorlog rond 1205/6. Het is mogelijk dat er reeds enkele bouwwerlen op de "voorburcht" stonden.  

De huidige middeleeuwse Dever werd gebouwd door heer Reynier die Ever rond 1370. De zoon van de bovengenoemde heer Gerard was ook een Gerard die Ever, Houtvester van Holland, een in die jaren een belangrijke functie, die ais zodanig zijn ambtszetel had op Teyingen. Hij sneuvelde met Graaf Willem IV bij Warns tegen de Friezen in 1345. Hij was gehuwd met Ciara van Heemstede, een dochter van heer Reinier van Heemstede, een zuster van de zeer machtige heer Gerrit van Heemstede, ook deze is in die jaren Houtvester geweest op Teijiingen, en bestuurde sinds 1348 namens de Graafiijkheid het ambacht Lisse. Ook hij was een zeer felle Hoek, en koos partij voor de weduwe van Graaf Wtliem IV, Margaretha.  

Het zal te begrijpen zijn dat de nog jeugdige heer Reynier die Ever ook de Hoekse partij koos. Willem V van Beieren ging in 1352 op oorlogspad tegen zijn eigen moeder en eiste het Graafschap Holland voor zich op.
Rozenburg bij Voorschoten viel, hier werd voor het eerst gebruik gemaakt van buskruit, Polanen in het Westland, en de Binckhorst te Voorburg viel. Mogelijk werd ook de achtkantige toren van de Dever toen verwoest.  

Bij de verzoening in 1366 of 1367 kwam het Graafschap aan Willem V. Heer Reinier en vele andere Hollandse edelen moesten wegen hun trouw aan Margaretha zeer hoge boetes betalen aan de nieuwe Graaf.

Na een reis naar het hof van Engeland werd Willem V door een "kwade dronk" gek. Zijn broer Graaf Albrecht werd uit Beieren naar Holland geroepen, deze voerde echter een gematigde politiek.  Heer Reinier kreeg later, toen hij de ridderslag had ontvangen  een goede verstandhouding met Graaf Albrecht. Men vindt hem ook steeds trouw aan s' Graven zijde. Heer Reinier trad in 1370 in het huwelijk met Vrouwe Janne van Leyenburg uit Voorschoten. Hij gaat een leenband aan met de machtige Heer Jan van Bloys, Heer van Schoonhoven en ter Gouwe (Gouda), Heer van Noordwijk en Beverwijk. Heer Jan van Bloys is een achterneef van Graaf Albrecht van Beieren. Heer Reinier draagt zijn woning met vijf morgen land aan heer Bloys op, om het als leen terug te ontvangen. Hierdoor veranderd er niet veel. Heer Reinier was hierdoor niet veel thuis, maar nlemand zou het wagen om maar een vinger uit te steken naar het huis waarvan de Heer van Bloys de leenheer was. Blijkbaar een veilig gevoel voor heer Reinier.

Uit de leenacte is gebleken dat er al reeds een huis stond, het is mogelijk dat het huidige slot rond 1369/1370 Is gebouwd. De ruitvormige decoraties van gesinterde stenen aan de ronde voorzijde geven hiervoor een goede aanwljzlng. Kort nadat heer Reinier was gehuwd, vertrok hij met een groot Hollands leger naar Brabant om de bondgenoot van Graaf Albrecht van Beieren bij te staan tegen de zwervende bende van de Hertog van Gelre. Echter, in 1371 werd het Hollandse leger verslagen. De ridders werden allemaal gevangen genomen en weggevoerd.. In 1374 kreeg heer Reinier een vergoeding "voor geleden schaden en gevangenisse" uit de hand van Graaf Albrecht ontving heer Reinier 1832 goudstukken uitbetaald.

Plattegrond Teylingen Voorhout

Rond 1357 of 1358 kwam Graaf Albrcht naar Holland, hij was gehuwd met Margaretha van Brieg. Op 6 februari reed de Graaf met een groot gevolg van Teylingen naar de Dever voor een "feestmaal". In die tijd waren vijf gouden guldens een hoop geld, voor dit bedrag zal het zeer gezellig geweest zijn op de Dever. Een van de bekendste bewoners was ongetwijfeld Vrouwe Jacoba van Beieren, kleindochter van Graaf Albrecht. Zelfs haar grafsteen werd niet terug gevonden na de verbouwing van de hofkapel in den Haag. De meeste grafstenen van de Graven van Holland zijn zonder pardon opgeslagen in kelders van het blnnenhof. 
In Een woord " schande", zo gaan wij Hollanders om met onze geschiedenis. Engeland lijkt een echt eiland, toch kunnen we een voorbeeld aan hun nemen!  


 

Na de moord op Aleid van Poelgeest in 1392, hield heer Reinier het slot Mathenesse te Schiedam voor de Graaf bezet. De gevolgen waren na deze laffe moord niet te overzien. In 1417 overleed de Hoogeerbaardige heer Reynier die Ever, zoals de heer A.M. Hulkenberg deze bouwer van de Dever omschrijft. In het zelfde jaar, beleende Jacoba van Beieren, Gijsbrecht van Haeften van Rhenoy, de kleinzoon van heer Reinier met de Dever.


 

 


Slot Mathenesse Schiedam

De bewoners van de Dever waren in rep en roer toen deze Gijsbrecht werd gebeten door een dolle hond. Hij werd In bed gesmoord met een kussen. De erfdochter van Gijsbrecht huwde eerst een van Duivenvoorde en later nog een van Brederode. Het huis was in die jaren bewoond door haar oom, een Leidse paticier die in haar jeugd ook haar voogd was.  

Lisse kreeg zijn eigen eerste parochie, en een eigen pastoor, deze was "Dirk van Oosterwijk" (Clara’s oom). Dit heugelijke feit geschiedde in 1461. De Dever heeft toen waarschijnlijk als pastorle gediend. In 1469 verleende Karel de Stoute Heenvliet stadsrechten, zodat er jaar en weekmarkten gehouden konden worden. 

In 1477 . . . . . . . Teylingen kreeg een nieuwe Houtvester, de taak werd hervormd met het Stadhouderschap van Holland. Wouter Cruesinck aanvaarde de taak, maar.... hij vond het slot in een hopeloze toestand. Het dak was lek, de muren waren gescheurd, de ramen kapot etc.  
Een algehele renovatie was noodzakelijk.

Claes van Mathenesse die hun stamslot hadden in Schiedam. Aanvankelijk woonde de eigenaar, beter gezegd leenman van de Dever in Utrecht, achter de Dom op nr 14. We lezen dat hij zich daar heeft bezig gehouden met het ontwerpen van de Lisser dorpskerk, waarvij hij steeds maande op zuinigheid. In 1552 vestigde hij zich in Lisse. Verder lezen we over hem hoe hij in 1564 "op enen wagen schielljk dood bleef liggen". 
Nalatende de jeugdige Jan of Johan van Mathenese. Lisse net zoals de meest dorpen er zeer slecht aan toe, vooral door de aanhoudende oorlogen van Karei de Stoute 1467 - 1477. De meeste bewoners moesten bedelen om hun brood. Ook de tachtlgjarlge oorlog heeft grote invloed gehad op kastelen en dorpen. Het huis te Hillegom deerlijk ontredderd, wáarschijnlijk werd de Dever met rust gelaten omdat de bewoners rooms katholiek waren.

Teylingen werd in 1573 gedeeltelljk verwoest door de legers van Hertog Alva.
Een jaar later wilde men Teylingen weer gedeeltlijk herbouwen, daarvoor kreeg bouwmeester Jan van Duivenvoorde de opdracht. Eerst werd begonnen met het herstel van de donjon (woontoren). In 1614 werd tegenover het oude kasteei een waardige behuizing gebouwd voor de Houtvester. In 1632 komt Jonker Jan van Mathenesse op de Dever wonen, tot dan toe student te Leiden. Natuurtijk heeft hij enkele herstelwerkzaamheden laten uitvoeren, in hoeverre zijn vader Claes enige herstelwerkzaamheden heeft laten uitvoeren is onbekend. De haardsteentjes in de schouw in de bovenzaal vermeld het
jaar 1561. Toch heeft de uitbreiding pas rond 1580 plaats gehad. Dit laat een tekening van 1580 ons zien. In 16e eeuw bouwde men een smal voorhuis aan de ronde voorzijde van het huls,(westen), het grote herenhuis werd gebouwd tussen 1631 - 1634. Voor deze huizen lag een voorburcht met het bouwhuis, bak en braadhuis etc. Tijdens de reformatie werd in de bovenverdieping van de Dever een geheime kapel ingericht, waar men nu de ingehakte altaarnis nog kan waarnemen. 
Ook verbouwde Jonker van Schagen de poorlwachterswoning. De fundamenten van de binnenpoort, en de uitbreiding van de beide voorhuizen zijn nu weer opgemetseld en zichtbaar gemaakt door de gemeente Lisse. De buitenpoort lag aan de Herenweg (oude Romeise weg) waar de pilaren met het opschrift "DE - VER" staan.  
In 1706 waaide tijdens een storm het dak van de oude Dever. Bij herstel van deze omvangrijke schade in 1767 door heer Dlrck Heereman van Zuydwijk probeerde men nog huurders te krijgen voor de oude Dever door de ophaalbrug te vervangen door een stenen. Maar niet een persoon kwam hier op af. De Dever was te ouderwets, of men kon zo’n huis zich niet veroorloven. In die periode hield men van de zogenaamde " U " vormíge huizen. De Dever bleef dus leeg, en dat is niet goed voor een huis in die tijd. In 1848 stortte een deel van het herenhuis in, dat gefundeerd was op de oude gedempte slotgracht. Iedereen die stenen nodig had haalde deze bij de Dever vandaan. Het zal u niet verbazen dat er bollenschuren gebouwd zijn van de Dever- stenen. Tot overmaat van ramp stortte in 1862 de kapelgewelven van de oude donjon in tijdens een storm. Sinds dien noemde de Leidse studenten de Dever een "spookhuis".

Teylingen werd in 1802 verkocht aan Jac. Bronkhuizen van Lede en Oudeweerd te Leiden. De oude woontoren en ringmuur vervielen meer en meer. Na korte tijd werd het weer door verkocht aan Agatha Willemina Twent, Gravin van Bylandt. In 1857 vond er openbare verkoop plaats, de percelen met ruine werd gekocht door twee Jonkheren van Teylingen. Deze droegen in 1899 de ruine over aan het Rijk. Sinds die tijd is het motto van de Rijksgebouwendienst, consolideren. Onder andere werd een brug en kademuur gemetseld, de fundamenten van het poortgebouw tot boven het maaiveld opgemetseld. Gok de gracht werd gedeeltelijk uitgegraven door de A. W.N. Rijnstreek.

Teylingen wordt thans beheerd door de Kastelen Stichting Holland en Zeeland

© Het Hollandse Kastelenteam 2011 - alle rechten  voorbehouden